Toetsingscommissies: Levenseindekliniek handelt zorgvuldig bij psychiatrisch patiënten

De regionale toetsingscommissies euthanasie (RTE) hebben twee casus van de Levenseindekliniek die deze weken sterk de aandacht trokken, als ‘zorgvuldig’ beoordeeld. Het gaat om de euthanasie aan een 63-jarige man en aan een vrouw van tussen de 50 en 60. Een psychiater van de Levenseindekliniek noemde ze in een interview met NRC-Handelsblad als voorbeeld van euthanasie aan psychiatrische patiënten. Daarop kwam veel kritiek.

Uit de deze week vrijgegeven oordelen blijkt dat het in beide gevallen gaat om patiënten met een extreem lange geschiedenis in de psychiatrie. De man leed al 45 jaar aan depressies, de laatste tien jaar vrijwel voortdurend. Opname en andere behandelingen hielpen niet. Hij leed onder zelfhaat, die hij alleen kon bestrijden door zich dienend op te stellen in zijn werk. Toen dat wegviel door pensioen vreesde hij de toekomst; thuis voelde hij zich niet veilig.

De vrouw had al vanaf haar vroegste jeugd chronische anorexia nervosa, een verstoorde lichaamsbeleving, ernstige smetvrees en een borderline persoonlijkheidsstoornis. Ze leed aan ondergewicht en had medicatie afgebouwd wegens de bijwerking. Door haar smetvrees waren sociale contacten weggevallen. ‘Ik leef niet, ik overleef alleen’, vond ze.

De RTE’s concluderen in beide gevallen dat de artsen van de Levenseindekliniek voldoende onderzoek hebben gedaan om het verzoek om euthanasie te kunnen honoreren. De vrouw meldde zich elf maanden voor haar dood bij de Levenseindekliniek en kreeg intensieve begeleiding. Bij de man duurde dat contact zeven maanden. In beide casus wilde de behandelend arts geen euthanasie geven. SCEN-artsen oordeelden dat aan de zorgvuldigheidseisen werd voldaan.

Klik hier voor het door de RTE gepubliceerde oordeel van de 63-jarige man.

Klik hier voor het door de RTE gepubliceerde oordeel van de 50-60 jarige vrouw.