Persbericht

Voor het eerst is een door de Levenseindekliniek gegeven euthanasie door de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie (RTE) beoordeeld als onzorgvuldig. Dit heeft de Levenseindekliniek vandaag zelf bekend gemaakt. Volgens de RTE had de kliniek meer gesprek-ken moeten voeren met een psychiatrisch patiënte voordat op haar euthanasieverzoek werd ingegaan. Ook had er nog een beoordeling moeten worden gevraagd aan een psychiater, in plaats van aan een geriater.

De Levenseindekliniek betreurt het dat haar handelen de toets van de RTE dit keer niet heeft doorstaan. Het ging om een hoogbejaarde vrouw met een al tientallen jaren aanhoudende depressie, die om euthanasie vroeg toen elektroshocks en antidepressiva niet meer hielpen. Haar huisarts wilde niet op haar verzoek ingaan.

De Levenseindekliniek is er van overtuigd in het belang van de patiënte te hebben gehandeld toen haar hulp bij zelfdoding werd gegeven, maar ziet in het oordeel van de Toetsingscommissie een belangrijk leermoment.

Het euthanasieprotocol bij patiënten met een psychiatrische aandoening is inmiddels verder aangescherpt. Naast het al bestaande poliklinisch gesprek met een psychiater, is een psychiater toegevoegd aan het uitgebreide interne overleg dat elke euthanasie kort voor uitvoering nog eens kritisch bekijkt. Ook wordt standaard een onafhankelijk psychiater geraadpleegd voor een second opinion. Zo moet herhaling van de door de commissie gesignaleerde feiten worden voorkomen.

In zijn algemeenheid ziet de Levenseindekliniek in het oordeel een belangrijke aansporing ook in de formele gang van zaken uiterste zorgvuldigheid te blijven betrachten. Daarbij blijft ze zich transparant en toetsbaar opstellen. De Levenseindekliniek kiest er daarom voor zélf met dit oordeel van de RTE naar buiten te treden.