OM start strafrechtelijk onderzoek in vier euthanasiegevallen

Het Openbaar Ministerie (OM) is vier strafrechtelijke onderzoeken gestart naar mogelijk strafbare euthanasie door artsen. Of het OM tot vervolging overgaat moet nog uit deze onderzoeken blijken. Alhoewel wij ons zorgen maken over de impact die deze onderzoeken op de betreffende artsen hebben, realiseren wij ons dat de rol van het OM in deze gevallen wettelijk is verankerd.

De Levenseindekliniek heeft vandaag kennis genomen van het bericht dat het Openbaar Ministerie (OM) heeft besloten om een strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar vier euthanasiegevallen. In alle vier gevallen had een Regionale Toetsingscommissie Euthanasie (RTE) geoordeeld dat niet aan alle wettelijke zorgvuldigheidseisen werd voldaan. In twee van deze gevallen gaat het om één arts van de Levenseindekliniek.

In de Nederlandse euthanasiewet heeft het OM een plek. Namelijk om nader onderzoek te doen als een RTE besloten heeft dat niet aan alle zorgvuldigheidseisen werd voldaan. Die plek respecteren wij, en de Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd heeft een soortgelijke taak.

Het valt op dat er op één dag vier onderzoeken gestart worden. In de eerste vijftien jaren dat de euthanasiewet in Nederland wordt toegepast, ging het OM nooit tot strafrechtelijk onderzoek over, terwijl dat nu binnen één jaar vijf keer gebeurt. In mei 2017 gaf het OM al aan dat zij haar werkwijze ging aanscherpen en daar is dit een vervolg op.

Voor artsen die naar eer en geweten een euthanasieverzoek onderzoeken en uitvoeren is de impact van zo’n strafrechtelijk onderzoek enorm. Ieder euthanasieverzoek vraagt veel van de arts en verpleegkundige die dit werk namens de Levenseindekliniek doen. Zij zoeken voortdurend naar de balans tussen juridische en medisch-ethische afwegingen, in het belang van een ondraaglijk en uitzichtloos lijdende patiënt.

De twee gevallen van de Levenseindekliniek die vandaag genoemd worden, zijn zeer zorgvuldig door het team en later door collega’s van de Levenseindekliniek beoordeeld. Wij zijn er van overtuigd dat de betreffende patiënten euthanasie wilden en binnen de wettelijke normen geholpen konden worden. Van de beoordeling door de RTE leert de Levenseindekliniek en dit helpt ons om onze werkwijze nog verder te verbeteren.

Schippers schenkt geld aan Levenseindekliniek

Minister van volksgezondheid Edith Schippers, onderscheiden met de Paul van Eerde Award, verdubbelt het daaraan verbonden geldbedrag van 5000 euro en schenkt dit aan de Levenseindekliniek. Ze wil dat het geld wordt besteed aan (na)scholing van artsen die te maken krijgen met euthanasieverzoeken van dementiepatiënten. De Levenseindekliniek heeft lesmodules ontwikkeld waarin artsen met praktijkvoorbeelden worden geschoold in het beoordelen van dergelijke verzoeken.

Het gebaar van de minister komt op een moment dat er volop discussie is over het onderwerp. Euthanasie bij dementie is erg complex en wordt vrijwel uitsluitend in het beginstadium van de ziekte gegeven. De Levenseindekliniek heeft als het expertisecentrum euthanasie van Nederland veel ervaring met de beoordeling en uitvoering van deze verzoeken. Minister Schippers wil dat die expertise wordt gedeeld met zoveel mogelijk artsen. De Levenseindekliniek, die volgens de minister ‘fantastisch werk verricht’, gaat het geld gebruiken voor het verder ontwikkelen van de lessen over euthanasie bij dementie. Meer informatie daarover staat op http://www.levenseindekliniek.nl/scholing/

De minister ontving de Award donderdag voor haar inspanningen om de rol van de schriftelijke wilsverklaring te verduidelijken. Ze kwam vorig jaar met een handreiking voor artsen en publiek over dit onderwerp. De Award, die wordt toegekend door de NVVE, is vernoemd naar dementiepatiënt Paul van Eerde, die tien jaar geleden zelf uit het leven stapte om de aftakeling voor te zijn. Artsen konden hem niet helpen bij zijn doodswens. Over hem werd de documentaire ‘Voor ik het vergeet’ gemaakt.

De Levenseindekliniek heeft het gebaar van de minister in dankbaarheid aanvaard. Volgens directeur Steven Pleiter is het een erkenning voor de rol als expertisecentrum, gespecialiseerd in complexe euthanasieverzoeken. De Levenseindekliniek kreeg vorig jaar 149 aanvragen van mensen met dementie. In 2016 werd van 48 dementiepatiënten het euthanasieverzoek gehonoreerd.

Klik hier het persbericht van VWS
Klik hier de speech van minister Schippers:

Geen stiekeme euthanasie, maar zorgvuldig handelen

De discussie over euthanasie aan mensen die lijden aan gevorderde dementie raakt ook de Levenseindekliniek. Ten onrechte wordt door een groep artsen een beeld geschetst alsof euthanasie bij deze patiënten vaak voorkomt. Maar euthanasie aan mensen met gevorderde dementie is extreem zeldzaam. Alleen met een duidelijke wilsverklaring en als er ondraaglijk en uitzichtloos lijden is kan het. Dat laatste is vaak moeilijk te constateren. Zo moeilijk, dat euthanasie vrijwel nooit mogelijk blijkt.

Nog ergerlijker is dat deze artsen beweren dat de euthanasie aan deze patiënten ‘stiekem’ zou worden gegeven. Een woord dat suggereert dat er heel doortrapt iets is gebeurd tegen de wil van de patiënt. Een woord dat niet voor niets door deze artsen is gekozen, voor maximaal effect.

Aan de twee casus van de Levenseindekliniek waarbij euthanasie aan gevorderd dementerenden wel mogelijk bleek zit niets stiekems. De patiënten lieten ook in hun dementie hun doodswens zien, om zo een einde te maken aan een situatie waarin ze volgens hun wilsverklaring nooit wilden terechtkomen.

De meest in het oog springende casus, waarover de Volkskrant dit hartverscheurende verhaal schreef, betrof een patiënt die nauwkeurig zijn wensen had vastgelegd: ‘Zodra ik niet meer weet wie ‘ik’ ben, niet meer weet wie mijn vrouw is, niet mijn jongens herken, niet weet wie mijn kleinkinderen zijn, dan wil ik niet meer leven, dan is voor mij het leven een last’, schreef hij in zijn wilsverklaring onder meer.

Zijn lijden gaat verder dan dat niet-herkennen. Hij schreeuwt en gilt dat hij er een eind aan wil, toont zich getergd, en rolt zichzelf in een foetushouding onder zijn bed. Hij is voortdurend onrustig, put zichzelf uit. Medicatie helpt niet. Alles wat hij per se niet wilde (‘als ik incontinent ben, voor altijd hulp nodig heb, een zombie word, ga ronddolen’) is juist wel gebeurd.

Als ook een SCEN-arts bevestigt dat aan de zorgvuldigheidscriteria is voldaan wordt besloten de euthanasie daar te geven waar de patiënt het liefste is, temidden van zijn vrouw en kinderen, thuis. Vanwege zijn motorische onrust is het nodig hem voor het overbrengen naar zijn huis te sederen. Thuis overlijdt hij na het toedienen van een injectie.

Dit was geen stiekeme euthanasie, dit was zorgvuldig handelen, in het belang van de patiënt, conform zijn wilsbeschikking. Had deze patiënt geen euthanasie gehad, dan hadden we hem in de steek gelaten. Zoals oud-hoogleraar ethiek Govert den Hertogh schreef: ‘Weerloos ben je als er dingen met je gebeuren die je verafschuwt zonder dat je daar iets tegen kunt doen. Het was de arts die zijn wilsverklaring heeft gevolgd die hem toch nog beschermd heeft.’

Wat deze casus nog eens leert is dat wie dement wordt vrijwel alleen kans maakt op euthanasie als in een vroeg stadium van de ziekte daarom wordt gevraagd. Zogauw de wens niet meer kan worden uitgesproken wordt het extreem moeilijk. Ook voor onze artsen.

Steven Pleiter

Directeur Levenseindekliniek

Nieuwe medewerkers gezocht

De Levenseindekliniek heeft te maken met een constante toename van het aantal hulpvragen. Daardoor is verdere toename van het aantal teams noodzakelijk. De Levenseindekliniek is op zoek naar artsen, in het bijzonder psychiaters, en verpleegkundigen. Psychiaters vooral in Noordoost Nederland, Zuid-Holland, Zeeland en Limburg. Artsen met name in de provincies Groningen, Drenthe en Utrecht. Verpleegkundigen tenslotte worden vooral gezocht in de regio Arnhem-Nijmegen. Volg deze link om meer te lezen over deze vacatures.

Jaarverslag 2015 gepubliceerd

Het jaarverslag 2015 van de Levenseindekliniek is verschenen. Feiten en cijfers, interviews met artsen, verpleegkundigen en mensen die ons op een of andere wijze steunen,  geven naast een aantal praktijkvoorbeelden een indringend beeld van het werk van de Levenseindekliniek.

Rode draad in het jaarverslag vormen de getuigenissen van mensen die onbezoldigd werk voor ons verrichten of ons financieel of anderszins steunen. Zonder hen zou de Levenseindekliniek niet kunnen functioneren. Daarnaast is er uiteraard veel aandacht voor opvallende casus en voor het groeiend aantal mensen dat zich jaarlijks tot ons wendt met een euthanasieverzoek. In 2015 waren dat er 1234, tegen 1030 in 2014. Van 365 mensen kon in 2015 de euthanasiewens worden vervuld.

De Levenseindekliniek sloot het jaar af met een tekort van EUR 389.000. De zorgverzekeraars vergoeden minder dan wat door de Levenseindekliniek bij de euthanasiezorg wordt uitgegeven. In 2016 wordt het overleg daarover met de zorgverzekeraars voortgezet. Het tekort moest nu worden gedicht met een bijdrage van de Vrienden van de Levenseindekliniek, waarin zich inmiddels 14.500 donateurs verenigd hebben.

U vindt het jaarverslag hier.