Nieuwe bestuursvorm bij Levenseindekliniek

Sinds 1 oktober heeft De Levenseindekliniek een Raad van Toezicht en een Raad van
Bestuur. Deze bestuursvorm past beter bij de zorginstelling, die gestaag groeit en professionaliseert.

De Raad van Toezicht bestaat uit (op de foto v.l.n.r.):

  • Marijke Mous
  • Bas Schreuder, voorzitter
  • Esther Pans
  • Flip Sutorius
  • Jan Schermerhorn, penningmeester (ontbreekt op de foto)

Bestuurder (Raad van Bestuur) is voormalig directeur Steven Pleiter (op de foto uiterst rechts).

Met deze nieuwe bestuursvorm richten we onze organisatie zo in, dat we het toenemend aantal mensen dat zich tot ons wendt zo goed mogelijk verder kunnen helpen. Ook steeds meer professionals weten de weg naar de Levenseindekliniek te vinden. We hebben ons de afgelopen jaren ontwikkeld tot het expertisecentrum euthanasie in Nederland.

OM onderzoekt euthanasie bij gevorderde dementie door specialist ouderengeneeskunde

Het Openbaar Ministerie (OM) gaat onderzoeken of een bij een ernstig demente vrouw uitgevoerde euthanasie strafbaar is. De specialist ouderengeneeskunde die het euthanasieverzoek uitvoerde, wordt verweten onzorgvuldig te hebben gehandeld. De Levenseindekliniek, die niet bij de zaak betrokken is, weet uit ervaring dat hulpvragen van mensen met dementie complex zijn. Artsen moeten elk verzoek daarom zorgvuldig toetsen aan de in de wet vastgelegde criteria. Uit het onderzoek dat nu door het OM wordt gedaan, zal blijken of deze arts strafbaar gehandeld heeft of niet. De Levenseindekliniek volgt dit onderzoek met belangstelling.

Euthanasieverzoek tijdig doen

Euthanasie bij gevorderde dementie komt zelden voor. De Levenseindekliniek ontving in 2017 tot en met augustus 144 hulpvragen van mensen die lijden aan dementie. Bij 49 mensen die leden aan dementie kon in die periode het euthanasieverzoek gehonoreerd worden. Bij dementerenden gebeurt een inwilliging vrijwel altijd voordat zij hun wilsbekwaamheid volledig verliezen. Daarom roept de Levenseindekliniek mensen op om een euthanasieverzoek op grond van dementie tijdig te doen, zodat gezamenlijk het juiste moment van uitvoeren gekozen kan worden.

Vragen over middel levensbeëindiging Coöperatie Laatste Wil

In de uitzending van Nieuwsuur was vrijdag 1 september een item te zien over een middel voor levensbeëindiging dat door de Coöperatie Laatste Wil is gevonden. De Levenseindekliniek krijgt vragen over dit middel. Wij kennen het middel niet. Daarvoor verwijzen wij u naar de Coöperatie Laatste Wil. Wij kunnen niet beoordelen of dit middel tot de beoogde humane dood leidt.

Euthanasie onder medische begeleiding

De Levenseindekliniek houdt zich bezig met levenseindezorg die wettelijk geregeld is. Wij helpen mensen met een euthanasieverzoek onder begeleiding van een medisch team. In de uitzending van Nieuwsuur heeft de Coöperatie Laatste Wil het over mensen die zonder zorgverlener hun leven willen beëindigen. Met deze zogeheten autonome route houdt de Levenseindekliniek zich niet bezig.

Toename hulpvragen

De Levenseindekliniek ziet een grote toename van het aantal hulpvragen. Dit is een maatschappelijke ontwikkeling; mensen willen meer zeggenschap over het levenseinde. En vooral over het moment waarop hun leven eindigt. Voor de Levenseindekliniek betekent dit dat we dringend behoefte hebben aan extra zorgverleners die mensen met een euthanasiewens binnen de wettelijke kaders kunnen begeleiden. Meer hierover vindt u op onze pagina werken bij ons.

Levenseindekliniek: ‘eenvoudige’ euthanasie vaker door eigen arts (of vervanger) van patiënt

– PERSBERICHT – 

De Levenseindekliniek wil overleg met de beroepsgroep van artsen over euthanasie aan mensen met een terminale ziekte. Dit zei directeur Steven Pleiter donderdagavond 23 maart in een uitzending van Nieuwsuur (NPO2). De Levenseindekliniek wil zich als expertisecentrum euthanasie vooral concentreren op complexe verzoeken, zoals van mensen met dementie, psychiatrische klachten of een stapeling van ouderdomsklachten. Nu krijgt ze ook nog veel relatief eenvoudige verzoeken, die eigenlijk door de eigen (huis)arts van de patiënt vervuld zouden moeten worden. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om mensen met uitbehandelde kanker.

Van  de verzoeken om euthanasie aan de Levenseindekliniek is zo’n twintig procent van niet-complexe aard. De Levenseindekliniek vindt dat de eigen arts van de patiënt of een vervanger daarvoor de verantwoordelijkheid moet nemen. Als voorbeeld verwijst zij naar het Hoogeveens model, waarin een groep artsen die geen euthanasie wil geven doorverwijst naar collega’s die zich daartoe wel bereid hebben verklaard. Directeur Steven Pleiter meent dat een dergelijk model landelijk ingevoerd kan worden.

Het aantal patiënten met een euthanasieverzoek dat zich bij de Levenseindekliniek meldt groeit sterk. Dit jaar worden zo’n 2500 aanmeldingen verwacht. Voorwaarde voor aanmelding is dat de eigen arts van de patiënt eerst nee heeft gezegd tegen het euthanasieverzoek. Meestal gebeurt dat vanuit principiële overwegingen. De indruk bestaat dat artsen soms ook nee zeggen omdat ze weten dat de Levenseindekliniek het verzoek dan over neemt. Daardoor komt de hoofdtaak waarvoor de Levenseindekliniek werd opgericht, euthanasie mogelijk maken voor psychiatrische patiënten, dementerenden en ouderen met veel gezondheidsklachten, in gevaar.

De Levenseindekliniek stelt als expertisecentrum zelf artsen en verpleegkundigen beschikbaar aan artsen die om een of andere reden worstelen met een euthanasieverzoek. Deze consulenten euthanasie werden vorig jaar 66 keer geconsulteerd. Ook zijn er lesmodules ontwikkeld voor scholing van artsen in beoordeling en uitvoering van euthanasieverzoeken.


Klik hier voor de pagina van Nieuwsuur en het Levenseindekliniek onderdeel van donderdag 23 maart 2017.


FACTSHEET (bijlage)

Het aantal hulpvragen bij de Levenseindekliniek nam in 2016 toe tot 1796, een stijging van 46% ten opzichte van 2015 (1234 hulpvragen). Ook het aantal verzoeken dat ingewilligd kon worden nam toe. In 2016 betrof dit 498 gehonoreerde verzoeken. 36 procent meer dan in 2015 (365 gehonoreerde hulpvragen).

Bij de hulpvragen ging het bij 27% om een verzoek met psychisch lijden, 20% kanker, 13% een stapeling van ouderdomsklachten en 30% een andere somatische aandoening. In vrijwel alle gevallen is de reden voor het stellen van de hulpvraag aan de Levenseindekliniek dat de behandelend arts of twijfelt over de wettelijke zorgvuldigheidscriteria  of te weinig ervaring heeft met het specifieke euthanasieverzoek. Alleen bij de patiënten met kanker is het merendeel van de behandelaars om principiële redenen niet in staat de patiënt te helpen.

Van de gehonoreerde verzoeken leed 30% van de patiënten aan kanker. Bij één op de vier patiënten was er sprake van een opeenstapeling van ouderdomsklachten. Eén op de tien patiënten leed aan dementie. Bij 46 patiënten was sprake van psychisch lijden, dat is 9% van alle gehonoreerde verzoeken. De resterende 28% van de patiënten had een andere lichamelijke aandoening. Dan kan gedacht worden aan een aandoening van het zenuwstelsel, een hart- en vaatziekte en ernstig longlijden.

Van alle hulpvragen waarvan de Levenseindekliniek in 2016 het onderzoek afsloot, werd 31% gehonoreerd. In 6% werd het verzoek teruggegeven aan de behandelend arts, omdat deze zelf het euthanasieverzoek ging uitvoeren of omdat er alleen nog palliatief behandeld kon worden. Een aantal hulpvragers overleed voordat de Levenseindekliniek het onderzoek kon afronden. Het betrof hier 12% van de hulpvragen. Soms gebeurt dit kort voordat euthanasie wordt gegeven.

Eén op de vier hulpvragen moet worden afgewezen omdat er niet aan de wettelijke zorgvuldigheidscriteria wordt voldaan. Ook ongeveer één op de vier hulpvragen wordt om een andere reden afgesloten. Bijvoorbeeld omdat de hulpvrager het verzoek intrekt, of geen machtiging wil afgeven voor inzage in het medisch dossier.

Vijf jaar Levenseindekliniek

‘Ik ben enorm blij en dankbaar dat mensen die uitzichtloos en ondraaglijk lijden in ons land waardig kunnen sterven. De Levenseindekliniek is een waardevolle aanvulling op onze euthanasiepraktijk en geeft mensen – in zijn bestaan – ontzettend veel rust. Ook de mensen die er misschien wel nooit gebruik van zullen maken.’

Dit zei minister Schippers van Volksgezondheid ter gelegenheid van het eerste lustrum van de Levenseindekliniek op 8 maart in Amsterdam. ‘Ik heb groot respect voor het moeilijke werk dat u doet’, aldus de minister tegen de medewerkers van de Levenseindekliniek. ‘De ruimte die mensen soms zo ontzettend nodig hebben op het meest kwetsbare moment in hun leven – die ruimte geeft u.’

De bewindsvrouwe drong er op aan artsen nog beter toe te rusten voor de moeilijke afwegingen rond euthanasie. Daarin ziet ze een rol voor de Levenseindekliniek, dat als expertisecentrum artsen scholing geeft en zonodig met raad en daad terzijde staat bij het beoordelen en uitvoeren van euthanasieverzoeken.

 

Voorzitter van de regionale toetsingscommissies euthanasie (RTE) Jacob Kohnstamm sprak van een ‘zeer positieve waardering’ binnen de RTE voor de Levenseindekliniek, onder meer ingegeven door de transparante wijze waarop de casus worden gedocumenteerd. ‘De Levenseindekliniek gaat niet over één nacht ijs,’ oordeelde hij. Hij noemde de Levenseindekliniek verder een ‘inhoudelijk overtuigend kenniscentrum. Het zou ideaal zijn als dat verder wordt uitgebreid, zodat mensen meer door de eigen arts kunnen worden geholpen’.

 

Een licht kritisch geluid kwam van Christa Anbeek, bijzonder hoogleraar Remonstrantse theologie (VU) en hoofddocent aan de Universiteit voor Humanistiek. Anbeek, voormalig lid van de Adviesraad, vindt dat de Levenseindekliniek zelf veel meer moet deelnemen aan het medisch-ethische debat rond vrijwillige levensbeëindiging. ‘Ik daag de Levenseindekliniek uit om de achterliggende visies op genuanceerde wijze te verwoorden en te laten zien wat ze de samenleving te bieden heeft en waarom’. Ze gaf ook een cadeau: een dialoogmodel over kwetsbaar leven, zodat medewerkers kunnen verwoorden ‘wat hen existentieel, moreel en spiritueel bij hun bijzondere hulpverlenerschap voortdrijft.’

 

Schrijfster Rebekka de Wit hield in een humoristisch en toch ontroerend betoog een warm pleidooi voor een ‘afhankelijkheidsverklaring’. Volgens de schrijfster van ‘We komen nog een wonder tekort’ zijn we allemaal met elkaar verbonden. De Wit verloor op jonge leeftijd haar moeder en de vriend van haar zus.

Voor de viering van het vijfjarig bestaan was een select gezelschap uitgenodigd van medewerkers, SCEN-artsen en leden van de toetsingscommissies. Directeur Steven Pleiter van de Levenseindekliniek vertelde hen dat in vijf jaar tijd ongeveer 6000 mensen een verzoek deden om euthanasie. 1400 mensen zagen hun verzoek ingewilligd. Hij benadrukte dat de toename van het aantal verzoeken naar ongeveer 2500 dit jaar de Levenseindekliniek dwingt te focussen op de complexe casus. Met de beroepsgroep wil hij overleg over hoe mensen met bijvoorbeeld uitbehandelde kanker euthanasie kunnen krijgen van hun eigen arts, of een vervanger in de regio.

Klik hieronder voor de speeches: