Euthanasie discussie leent zich niet voor karikaturen

Op vrijdag 7 november 2014 publiceerde dagblad Trouw een interview met theoloog en voormalig lid van een Regionale Toetsingscommissie Euthanasie Theo Boer. Dit interview vroeg om een reactie, en op vrijdag 14 november 2014 plaatste dagblad Trouw onderstaande reactie namens de Levenseindekliniek:

De website van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE) biedt een treurige staalkaart van ondraaglijk en uitzichtloos lijden. Over de negentiger bijvoorbeeld die slechthorend, slechtziend en verminderd mobiel is, slecht slaapt, en last krijgt van oorlogsherinneringen. Hij krijgt euthanasie. De toetsingscommissie vindt dat de arts zorgvuldig heeft gehandeld.

Zo bij eerste lezing roept dat misschien vraagtekens op. Slechtziend, dat geldt voor vele duizenden. Dover wordend, nou en? Verminderd mobiel, er bestaan toch scootmobiels? Waarom dat alles reden voor euthanasie moet zijn is velen een raadsel. Aftakeling hoort bij ouder worden.

Wie echter wat verder leest komt mogelijk tot een heel andere overtuiging. Dan krijgt die bejaarde, die het leven niet meer leven wil, een gezicht. Hij liep bij de pijnpoli wegens ondraaglijke pijn in zijn rug. Pijn die alleen minder werd in rust. Rust die hem in een sociaal isolement bracht. Daar werd hij somber van, hij sliep slecht, ging piekeren en kreeg traumatische oorlogsherinneringen.

Hij kon niet meer lezen of tv kijken, en was door zijn slechte mobiliteit niet meer in staat nieuwe contacten te leggen, beschrijft de toetsingscommissie. Hij vindt zijn leven niet meer zinvol en zegt zijn lijden ondraaglijk te vinden. Wie er meer over wil lezen vindt de casus terug onder het kopje ‘ondraaglijk en uitzichtloos lijden’ op de RTE-website, casus 101 van 2013.

Bovenstaande situatie is geen casus van de Levenseindekliniek, maar we herkennen hem wel. Ook bij ons komen verzoeken binnen van ouderen wier leven onleefbaar is geworden door een stapeling van ouderdomsklachten. Verzoeken die ook wij honoreren. Omdat we na gesprekken en onderzoek concluderen dat deze patiënten ondraaglijk lijden.

Volgens theoloog en voormalig lid van de toetsingscommissies Theo Boer (Trouw 7 november) trekken we die conclusie te snel. Hij verwijt de Levenseindekliniek ‘systemische onzorgvuldigheid’, omdat er geen arts-patiëntrelatie zou zijn, geen behandeling, geen therapie.

Boer maakt daarmee een karikatuur van de werkelijkheid. Die arts-patiëntrelatie is er wel, alleen anders dan Boer hem graag zou zien. Niet opgebouwd in jaren, maar in een intensief contact van vaak vele gesprekken op het scherp van de snede. Zoals een van onze artsen, voormalig huisarts, vertelt in ons jaarverslag: ‘De mate van betrokkenheid is net zo intensief. Binnen vijf minuten zit je in iemands ziel te peuren, praat je over de kern van het leven’.

Behandelen en therapie doen we niet. Wat hadden we nog kunnen bereiken in het geval van de negentiger van hierboven? Of van die psychiatrische patiënt die na dertig jaar therapie en vruchteloos slikken van anti-depressiva om de dood verzoekt? Helaas moet je soms concluderen dat de patiënt is uitbehandeld en het lijden ondraaglijke vormen heeft aangenomen.

Boer vindt dat te snel tot euthanasie wordt besloten. Bij een stapeling van ouderdomsklachten, zoals hier beschreven, maar ook bij psychiatrie. Misschien wel bij alle ziektes waaraan de patiënt niet op korte termijn overlijdt.

In de barmhartige wereld van Boer is alleen plek voor euthanasie als iemand letterlijk voor de poorten van de dood staat. Wie voor die tijd wil sterven, moet dat maar op eigen kracht doen. Of zoals hij zelf eens beschreef in zijn column in het Reformatorisch Dagblad, toen een vrouw hem vroeg waarom hij haar het recht op euthanasie ontzegde: ‘als u nu stopt met eten en drinken bent u over acht dagen dood’.

Bij de Levenseindekliniek zijn acht van de tien verzoeken om euthanasie afkomstig van mensen die niet terminaal ziek zijn. In een groot aantal gevallen moeten ook wij hun verzoek afwijzen, omdat dit niet voldoet aan de wet. Wat we wél doen is de verzoeken in behandeling nemen, onderzoeken, vanuit de basishouding dat euthanasie in principe mogelijk moet zijn. Omdat niet de levensverwachting, maar de kwaliteit van leven voorop staat. Waarom een leven rekken dat in het teken staat van pijn, wanhoop, uitzichtloosheid?

Natuurlijk moeten ook onze artsen tot de overtuiging komen dat iemand ondraaglijk en uitzichtloos lijdt, voor euthanasie wordt gegeven. Die overtuiging is er ook altijd. Mensen met een euthanasieverzoek willen een eind aan hun lijden, meer dan dat ze de dood zo wensen. De wens van de patiënt is leidend, maar moet wel onderbouwd worden. Waarom lijdt iemand, wat maakt het leven zo zwaar, kan daar nog niets aan worden gedaan?

Wat Boer echt kwalijk valt te nemen is zijn versimpeling van het ingewikkelde euthanasievraagstuk. Hij maakt karikaturen van de werkelijkheid, om zijn gelijk te halen. Zo’n karikatuur is dat de Levenseindekliniek patiënten zelf richting euthanasie duwt. Zo’n karikatuur is ook de ‘duo-euthanasie’, ‘de aftakelende oudere’, ‘de blinde’. Hij doet hen met die karakterisering schromelijk te kort. Lees de verslagen op de RTE-site er maar eens op na.

Steven Pleiter

Directeur Levenseindekliniek